HDD, persing en avegaarboring: drie sleufloze technieken uitgelegd
Niet iedere ondergrondse kruising vraagt dezelfde boor. HDD, persing en avegaarboring hebben elk hun eigen sterke plek.
HDD, persing en avegaarboring leggen alle drie een leiding of mantelbuis aan zonder over de hele lengte een sleuf te openen. Ze verschillen vooral in bestuurbaarheid, grondafvoer, nauwkeurigheid, lengte en geschikte diameter. ‘Boring’ is daardoor geen eenduidige uitvoeringsmethode.
1. HDD: bestuurbaar boren vanaf het maaiveld
Bij horizontal directional drilling wordt eerst een bestuurbare pilotboring gemaakt. Een boorkop met meetsonde volgt een ontworpen gebogen lijn. Daarna wordt het boorgat in één of meer gangen verruimd. Ten slotte trekt de boorinstallatie de vooraf samengestelde productleiding of mantelbuis door het ruimkanaal terug.
Boorvloeistof ondersteunt het gat, voert boorgruis af en vermindert wrijving. HDD is geschikt voor relatief lange kruisingen en kan onder wegen, water en andere obstakels door. Bochtstraal, trekkracht, bodem en beheersing van boorvloeistof zijn kritieke ontwerpwaarden.
2. Persing: een buis door de grond drukken
Bij een eenvoudige persing wordt een stalen of andere buis vanuit een perskuip horizontaal door de bodem gedrukt. Afhankelijk van methode blijft grond in de buis of wordt die verwijderd. De richting is meestal veel minder corrigeerbaar dan bij HDD. Persingen worden vaak gebruikt voor kortere, rechte kruisingen.
3. Avegaarboring: boren en grond mechanisch afvoeren
Een draaiende avegaar of schroef in de buis snijdt de grond aan en transporteert die terug naar de startput terwijl een mantelbuis wordt ingeperst. De methode heeft een start- en ontvangstput nodig. Een geleide variant kan de nauwkeurigheid vergroten, maar conventionele avegaarboring is niet vrij bestuurbaar zoals HDD.
Welke methode wanneer?
- HDD: langere of gebogen tracés en kruisingen waar sturen noodzakelijk is.
- Persing: relatief korte, rechte doorvoer met eenvoudige opstelling.
- Avegaarboring: rechte mantelbuis waarbij grond gecontroleerd mechanisch moet worden afgevoerd.
De uiteindelijke keuze volgt uit geotechnisch onderzoek, diameter, lengte, toegestane afwijking, leidingmateriaal, beschikbare putten en risico voor bovenliggende objecten. Een naam alleen is nooit genoeg voor een uitvoeringsontwerp.
